De Gelderse Kring stoomt op en toont lef


Historische bijeenkomst

Michiel de Ruyter en de scheepvaartgeschiedenis die al eeuwenlang van historisch en handelsbelang is in Nederland, was het thema van de nieuwjaarsbijeenkomst van businessclub De Gelderse Kring.  

 

Het Oude Politiebureau had alles gedaan om zowel de entourage als het menu in stijl te houden. Voorzitter Helen van den Oever, door privéomstandigheden verhinderd, hield het daarom in haar speech in maritieme stijl.  Haar plaatsvervangster Liesbeth van den Brink- Baggerman las de speech van Helen voor. Daarin was ruimschoots aandacht voor vertrekkende en nieuwe bestuursleden en terug- en vooruitblikken. Rachel Dibbets (penningmeester) en Maarten Modderkolk (bestuurslid) traden statutair af en kregen een fraaie biografische schets van de voorzitter (door Liesbeth overtuigend voorgelezen). ,,Rachel was de charmantste penningmeester van de Gelderse Kring en laat de club achter met een gezonde financiële situatie’’.  Strak op de feiten en cijfers, maar sociaal heel gezellig, zelfs ‘zwoel en verleidelijk’. Bloemen voor eega Jack (niet aanwezig) en een hardloophorloge voor Rachel. Maarten Modderkolk heeft zich vooral als ‘enthousiast, positief kritisch’ gemanifesteerd, al is zijn inbreng ook ‘betrokken, open en met aanpassingsvermogen’ gekwalificeerd. Bloemen voor echtgenote Ria en voor hem ook een ‘activerend’ cadeau, iets voor op de golfbaan.

Er zijn, blijkt, goede opvolgers voor de aftredende bestuursleden gevonden. Claudelle Schimmel (advocaat in Veenendaal) en Eric Gijsbertse (accountant, die het stokje van Rachel overneemt).  Claudelle Schimmel: ,,Ik ervaar de Gelderse Kring meer als team dan als club. Creatief, mensen verbinden en een verjongingsslag maken’’.  Eric Gijsbertse ervaart de club als een ‘positief, warm bad’ en beloofde ‘op de centen te letten en het ledenbestand te vergroten’. Als inkomend bestuurslid had hij een virtuele terug-  en vooruitblik op de businessclub gemaakt, waarin de ‘maritieme sferen en verankering’ de rode draad vormen.

Lef tonen

Uiteraard behelsde de speech van voorzitter Van den Oever meer. Voortbordurend op de scheepvaart spoorde zij aan ‘een oogje in elkaars zeil te houden’. ,,Afstemmen en opstomen, lef tonen, interesse en vriendschappelijk contact onderhouden. Laten we de handen ineenslaan en zaken met elkaar doen’’.  Veel aanmoediging voor ‘grootscheeps ondernemen, vlaggen in top en alle hens aan dek’. Plus de aansporing de club te vergroten en daarmee het platform, de zeggingskracht en samenwerking te versterken.

 

Daarna was het woord aan Frits de Ruyter de Wildt, nazaat (twaalfde generatie) van de beroemde admiraal Michiel de Ruyter. De Ruyter de Wildt was marineofficier (dus in de voetsporen van zijn voorouder) en hield een uitvoerig betoog over de VOC-tijd, de koopmansgeest en innovatief ondernemerschap, waarbij hij uitgebreide terugblikken op de historie niet schuwde.  Het bleef wat onduidelijk van welke echtgenote (hij had er drie) van Michiel hij de afstammeling is, wat hem overigens niet verhinderde erover wijdlopig te verhalen (die verschillende vrouwen en nazaten).  Want Michiel de Ruyter had ook nog een bastaardtak opgezet via een zoon uit zijn derde huwelijk. Niettemin is er in 1813, terwijl de naam De Ruyter uitgestorven lijkt te zijn, nog een rechtstreekse afstammeling uit het huwelijk De Ruyter-Stevendinks en dan is er maar èen Michiel en later worden het Frits de Ruyters. Los van het produceren van al dan niet legitieme nazaten, betoogt de huidige Frits de Ruyter, heeft zijn verre voorvader zevenentwintig zeeslagen gewonnen en is hij grondlegger van het korps Mariniers.  En daarnaast heeft hij naam gemaakt als koopman/handelaar, moedig zeevaarder en standvastig onderhandelaar. En dan maakt de huidige Frits de Ruyter een sprongetje naar het hier en nu. ,, In de 17e eeuw, na de oprichting van de VOC (Verenigde Oostindische Compagnie in 1602) zaten we in de zogenoemde Gouden Eeuw. Nu zitten we in een nieuwe gouden eeuw.  Destijds was het een kleine protestantse en rijke republiek, die toevluchtsoord was voor allochtonen.  De betekenis van de Gouden Eeuw was samenwerken en innovatief investeren . Er zijn in de gouden eeuw tienduizend windmolens gebouwd’’.

Veel interessante historie en wellicht iets teveel voor een aantal clubgenoten.  Het dessert in de bistro wachtte en was een welkome aanvulling op het toepasselijke menu. Zeebaars als voorgerecht, verwijzend naar de zeeslag met Spanje), kogelbiefstuk in pepersaus met hete bliksem (zowel refererend aan de handel met Marokko en het Oudhollandse gerecht met aardappelen en appels) en het dessert was een Frans taartje (clafoutis met kers en hangop) dat verwees naar de zeeslag met de Fransen.  Niet onvermeld mag blijven dat leerlingen van het ROC van alle gasten foto’s maakten en dat het strijkkwartet van Nelleke van der Sluijs de club de hele avond van achtergrondmuziek voorzag.